Afbeeldingen in WORD
1. Invoegen van afbeeldingen.
a. Via 'plakken' als je uiteraard eerst een (deel van een) afbeelding geknipt of gekopieerd hebt.
b. Via 'Invoegen' - 'Figuur' - 'Uit bestand...
Zoek de afbeelding in de map op je harde schijf, diskette of cd-rom en voeg die in je bestand in.
c. 'Via 'Invoegen' - 'Figuur' - 'Illustratie...'
In Office XP verschijnt het 'Taakvenster'
waar je een passende afbeeldingen kan zoeken.
Je kan aangeven in welke collectie je wil zoeken en welke bestandstypen je wil
gebruiken.
Wanneer je met de muis over de gekozen afbeelding gaat, kan je het extra-menu oproepen (grijze balkje met driehoekje naar omlaag) en je afbeelding 'Invoegen'.
![]() |
![]() |
In Office 2000 verschijnt het dialoogvenster 'Illustratie invoegen'.
Tik het zoekwoord in (meervoudsvorm geeft soms meer resultaten...). Je kan ook een categorie kiezen en deze doorbladeren.
Klik op de gewenste figuur en kies voor invoegen: het icoontje is een bolletje dat met een pijltje naar je blad verwijst.

LET WEL: Sluit of minimaliseer het venster 'Illustratie
invoegen' nadat je de figuur hebt ingevoegd. Meestal zit de ingevoegde figuur
verborgen achter dit venster!
Als je meerdere malen op het 'Invoegicoontje' gaat klikken krijg je x aantal
exemplaren van je figuur boven elkaar.

Soms gebeurt het dat je klikt op de gekozen figuur en het onmogelijk is om de figuur in te voegen. Het icoontje is niet beschikbaar (lichtgrijs).
Klik dan met de rechtermuisknop op de figuur en kies voor 'Kopiëren'. Sluit of minimaliseer het venster 'Illustratie invoegen' en plak de figuur op je pagina.
2. Bewerken van afbeeldingen.
Wanneer je afbeelding ingevoegd is, wil je ze waarschijnlijk nog even verplaatsen, vergroten, verkleinen...
Word plaatst standaard de figuur aan de
linkerrand van de pagina, waarbij de tekstcursor zich aan de rechteronderkant
van de figuur bevindt.
Dit willen we aanpassen!
Eerste manier:
Zorg er eerst voor dat de werkbalk 'Figuur'
weergegeven wordt. Doe dit als volgt:

Klik dan op het icoontje van 'Tekstomloop'
(een hondje of een geel ruitje).
Kies voor 'Rondom' of (in Xp) 'Contour'.
Let wel: de figuur moet geselecteerd zijn!


Tweede manier:
Ga met de muis op de afbeelding staan en klik met de rechtermuisknop. Kies voor 'Figuur opmaken'.

Kies op het tabblad 'Indeling' voor 'Rondom' (in Xp is dat 'Contour').

Nu kan je je figuur plaatsen waar je wil!
Bekijk goed de vorm van de cursor, die geeft je richtlijnen:
![]() |
Deze figuur is geselecteerd, maar er is nog geen 'rondom' of 'contour' eigenschap aan toegekend. |
![]() |
De cursor krijgt de vorm van een 'vier-richtingen-pijl': verplaatsen kan nu door gewoonweg te slepen. |
![]() |
De cursor staat precies op een hoekpunt en krijgt twee pijltjes: klikken en slepen doet de figuur vergroten of verkleinen, waarbij de verhoudingen bewaard blijven. |
![]() |
In Office XP kan je figuren roteren met het groene handvat. |
![]() |
Als je in het menu 'tekstomloop' kiest voor 'omlooppunten bewerken' krijg je dit resultaat. |