COUTUMES DE RUMPST.
Coutumes de Brabant. Marquisat d'Anvers. - TOME VI.
82
COUTUMES DE RUMPST.
TEXTE (1).
Coutume féodale du pays et de la franchise de Rumpst.
LANDE VAN RUMPST.
DE LEENRECHTEN ENDE DEN VOET DIEMEN PRETENDEERT TE MOETEN GEHOUDEN
WORDDEN INT VERHEFFEN VANDE LEENE.
In den ierste, zoe wanneer een leenrente oft leengoet gaet van deene
hant in dander, het zij bij successie oft bij transpoert, dat den vercrijger van
dat leengoet oft rente gehouden is tselve te mueten commen verheffen.
Item, zoe wanneer een leengoet oft leenrente compt, bij successie oft bij
transpoerte, in diversche handen, dat elck zijn paert moet verheffen.
Item, zoe een leengoet compt bij testament ende octroij gelijckelijck in
broeders ende susters handen, dat die broeders ende susters dat gelijckelijck
moeten commen verheffen, stellende een van hen daerop als sterffman.
Item, zoe den sterffman compt afflijvich te wordden, dat die ander
broeders ende susters gehouden zijn dat leengoet anderwerff te verheffen,
stellende anderwerven eenen van hen als sterffman daerop.
Item, zoe een vande broeders ende susters commen aflijvich te wordden
sonder kinderen, ende dat het selve paert oft deel is vallende inde handen
vande ander broeders oft zusters, dat die broeders oft susters gehouden zijn
dat verheff in henne handen te moeten commen verheffen.
Item, dien volgende, zoe ijemant vande broeders oft susters hun paert oft
deel compt te transporteren aen een vande ander broeders oft zusters, oft
aen alle de broeders oft susters, oft aen eenen vrempden, dat den vercrijger
van tselve paert oft deel dat moet verheffen.
Item, zoe een vande broeders oft susters compt aflijvich te wordden
achterlaetende een oft meer kinderen, dat kindt oft kinderen zijn gehouden
dat deel van dien broeder oft suster commen te verheffen.
(1) D'après un manuscrit du xvii siècle reposant aux Archives du royaume, Cour féodale de Brabant, fol. 75
de l'inventaire, litt. C, portef. 46.
650
COUTUMES DE RUMPST.
TEXTE.
Item, dat geen leengoet en mach commen inde handen van alle de broeders
oft zusters, oft tot behoeff vanden sterffhuijse des afflijvige, dan bij testa-
mente ende octroij, ende naervolgende d'ordonnantie bijden hertoge van
Brabant vuijtgegeven den xxen dach van meerte xiiijc xix [1420 n. st.] (1),
zoe zoude elcken broeder oft suster gehouden wesen hun paert ende deel te
moeten commen verheffen als gespleten leenen; maer om dat (2) de broeders
ende susters zijn verclerende dat zij dat leengoet int sterffhuijs bij scheijdinghe
ende deijlinghe een vande broeders oft susters dat int geheel in zijnen handen
sullen bringhen, om dat nijet te laeten commen tot splijtinghe, soo wordt
dat leen verheven in broederlijcken ende susterlijcken rechte scheijdinghe
ende deijlinghe; maer zoe de voirscreven broeders oft susters binnen eenen
jaere achte oft thiene nijet en commen tot scheijdinghe ende deijlinghe,
zoe zijn de voirscreven broeders ende susters gehouden elck hen paert oft
deel dat zij in dat leengoet zijn hebbende te moeten commen verheffen,
volgens de voirscreven ordonnantie.
Item, zoe een leengoet bij successie oft bij transport compt in handen van
twee oft drije oft meer persoonen, daer van egeen broederlijcke ende suster-
lijcke rechten, scheijdinghe ende deijlinghe en valt, zoe moet elck persoon
in recht verheffen.
Item, als een bedde scheijt zoe moet den successeur oft successeuren het
leen verheffen dat compt vander zijden vanden afflijvigen, al ist zoe
dat den lancxstlevende dat blijft besitten in tochte; ende de voirscreven
lancxstlevende is gehouden die naecte tochte te verheffen bij een halff
hergeweijde.
Item, als een bedde scheijt zoe moet die successeur oft successeuren die
helft vande geconquesteerde leenen commen verheffen, al ist zoe dat die
lancxstlevende dat blijft besitten in tochte; ende de voirscreven lancxst-
levende is gehouden die tochte te commen verheffen bij een halff hergeweijde.
Item, als een besitter van leengoet compt afflijvich te wordden oft dat
leen compt te vercoopen, soe moet den successeur oft successeuren, oft den
cooper oft coopers, dat leen commen verheffen binnen zesse weken, opde
pene van zesse ponden Arthoijs, ende binnen zesse weken naer tvoirscreven
(1) V. à ce sujet l'Inventaire des archives de la cour féodale de Brabant, parL.Galesloot, préface, p. XLVI.
(2) Om dat, nous pensons qu'il faut lire op dat, avec l'ancienne acception de « si, » indien.
652
COUTUMES DE RUMPST.
TEXTE.
verheff daervan overbringhen denombrement, oijck opde pene van sesse
ponden Arthoijs.
Item, zoe wije een insouffissant denombrement overbringht is als nijet
overgebrocht.
Item, dat tusschen den leenheer ende den vassal egheene prescriptie en
valt van verschenen hergeweijden, besunder daer van tusschen den leenheer
ende den vassal noch egheen debvoir van denombrement en is gedaen van
tleste verheff.
Item, dat een vassal zijn leen verbeurt als hij dat vercoopt oft belast
voer incompetenten rechter, sonder octroij, ende oijck de penninck van
belastinghe.
Item, dat alle belastingen gedaen op leengoet bij testamente ende octroij,
ende oijck alle belastinghen op leengoeden gedaen bij erffgevinge, moeten
verheven wordden, al ist zoe dat die gequeten zijn voer tverheff, ende dat
het leen daervoer staet geaffecteert.
Item, als broeders ende susters het leengoet dat zij verheven hebben bij
octroij ende testament in bruederlijcke ende susterlijcke rechten, scheij-
dinghe ende deijlingle, den tijt van twee, drije oft meer jaeren alsoo hebben
beseten, ende dat elck zijn deel compt te vercoopen, zoe moet elck zijn deel
verheffen.
Item, dat alle leenen die bij scheijdinghe ende deijlinghe, oft bij vercoo-
pinghe gespleten wordden moeten gespleten blijven ende elck moet zijn
deel verheffen.
Item, alle de ghene die recht wilt pretenderen op leengoet oft leenrente
moet hem hoffwerdich maecken bij verheff, ende den iersten verheffer heeft
die possessie.
Item, zoe wie in eenen coop vercoopt leengoet ende cheinsgoet ende
stect vuijt generael seker rente oft renten die opt leengoet nijet en staen
bekent, ende men compt te vernemen dat die rente oft renten mede staen
besedt opt leen, dat leen is verbeurt ende den rentheffer en heeft maer voer
zijne hijpothecque het cheinsgoet.
Item, die zeker leengoet verheft tot zijnen behoeve, ende is stellende
daerop eenen anderen als sterffman, dien sterffman en wordt nijet voirder
bekent als sterffman dan tot behoeve vanden voirscreven verheffer offt tot
zijnder afflijvicheijt.
654
COUTUMES DE RUMPST.
TEXTE.
Item, dat alle de procuratien die nijet en zijn gepasseert voor leenmannen
en zijn van egeender werden in [den] leenhove.
Onder stont gescreven: Die stadthouder vande leenen vanden lande ende
vrijheijt van Rumpst.
Ondergeteekent GEORGIE BALX.
656